Zijn we weer!

Door Chief op maandag 26 maart 2018 08:22 - Reacties (16)
CategorieŽn: Gezin, Over mij, Werk, Views: 2.996

Jaaaaa lieve Tweakertjes, we zijn er weer. Een beetje minder frequent dan jullie van mij gewend zijn maar vergeten ben ik jullie niet hoor. Het is alleen vaak passen en meten wat betreft de tijdsindeling want net als in jullie tijdzone, sinds afgelopen slechts zes uur verschil met de mijne, bestaat mijn dag uit slechts 24 uren. Wat het zo uitdagend maakt is de combinatie van twee banen en vader zijn van een peuter en een kleuter. Soms is het werk het moeilijke maar meestal die twee kleine spruiten.

Het voordeel, als ik dat al zo mag noemen, van twee kinderen hebben is dat je vergelijkingsmateriaal hebt. Je hebt immers al enige ervaring met de oudste alvorens de jongste verschijnt. Overigens geldt dit niet voor ouders die – God hebbe medelijden met ze – als eerste een tweeling hebben gekregen. Het is trouwens niet geheel eerlijk om twee mensen met elkaar te vergelijken, zelfs niet als ze broer en zus zijn van elkaar maar onbewust doe je het toch.

Zo eet de kleine Miss bij lange na niet zo goed als haar grote broer in die zin dat die laatste een veelvraat is en vrijwel alles lekker vindt. De jongste, nou, die heeft met haar 13 maanden al een heel verfijnd pallet. Althans, dat vindt ze zelf. Groenten vist ze vakkundig uit haar eten en weigert deze te consumeren en fruit blieft ze alleen als deze minimaal op kamertemperatuur is. Haal je dus wat fruit uit de koelkast dan mag je deze dus eerst even opwarmen in de magnetron voordat je het serveert.

Ook brabbelt de Miss heel wat minder dan onze Junior op dezelfde leeftijd. Daar waar Junior op deze leeftijd al de oren van onze kop kon lullen beperkt de Miss zich tot korte doch duidelijke opdrachten. “Papa” en “Mama” als ze onze aandacht wil, “Op” als ze opgetild wil worden en “mjam mjam” als ze dorst dan wel iets te eten wil. Wat ze aan kwantiteit achterloopt op haar broer maakt ze echter ruimschoots goed in het aantal decibellen wat ze kan produceren. Zet zij het op een gillen, en dat wil ook in ons huishouden regelmatig gebeuren, dan duiken ze zelfs tot ver in MaleisiŽ in de schuilkelders in de veronderstelling dat het luchtalarm is afgegaan. Ik heb tevens het vermoeden dat wij allen thuis al enige oorletsel hebben. Huh, zei je iets?

Een wekker heb ik sinds jaar en dag al niet meer gebruikt, daar hebben we de kinderen voor die steevast tussen 5:30 en 6:30 wakker worden wat ruim voor de tijd is dat denk ik legaal toegestaan zou mogen worden. Enige notie daarbij van hoe laat papa en mama naar bed zijn geweest zit er niet bij. Boeit ze ook niet denk ik eerlijk gezegd. De oudste kan gelukkig zelf al zijn ontbijt in elkaar flansen. Pap of een boterham, dat lukt hem wel zonder iets te breken maar heel veel slaap scheelt dat niet voor ons want de jongste die is nog niet zover. Het is niet dat we het niet geprobeerd hebben hoor maar de eerste fles aanmaakmelk koste bijna een hele blik van 1kg aan babymelk poeder wat toch wel een dure aangelegenheid is. Aangezien ik weliswaar twee banen heb doch slechts voor ťťn betaald wordt moeten we ons voorlopig maar onszelf uit bed hijsen voor de jongste.

Die tweede baan, dat betreft mijn aanstaande overgang naar een nieuwe werkgever. Een aantal blogs geleden berichte ik al over de mogelijkheid om mij aan te sluiten bij een start up. Na hard, heeeel hard, nadenken heb ik besloten om dat te doen. Dat besluit had ik medio november al genomen waarna de start up is begonnen aan de aanvraag van een nieuwe werkvergunning voor mij. Hier in Singapore is de werkvergunning namelijk gekoppeld aan de werkgever. Wissel je van werkgever dan heb je dus een nieuwe werkvergunning nodig. Normaliter duurt zo’n aanvraag slechts 1 tot 2 weken maar nu presteerde de MoM (hoe toepasselijk) oftewel de Ministry of Manpower dat over de werkvergunning gaat het om er bijna 4 (!!!!) maanden over te doen.

Aan mijn profiel lag het niet, ik voldeed aan alle eisen maar omdat het hier een start up ging kregen zij vraag na vraag na vraag na….afijn, je kan het zelf invullen. Enkele weken geleden het verlossend woord, of eigenlijk brief, dat de werkvergunning was toegekend. Nu nog kwestie van mijn baan opzeggen, het opzeg termijn respecteren tenzij ze mij op garden leave sturen wat niet heeeel onwaarschijnlijk is en dan ga ik in principe over. Ik zeg hier met opzet “in principe” want er kan nog altijd van alles in de tussentijd gebeuren.

Anyways, omdat het hier een start up betreft moet er nog ontzettend veel gebeuren, zeg maar vrijwel alles. Ik heb mijn hele werkleven voor beursgenoteerde bedrijven gewerkt waar alle processen tot in den treure zijn vastgelegd en dus waar je eigenlijk in een gespreid bedje belandt. Alles, maar dan ook alles moest van de grond af gebouwd worden voor deze start up. In Bangkok zijn er nu zo’n 25 toegewijde mensen full time aan de slag om de backend te ontwerpen en te programmeren. Dat gaat met horten en stoten maar met meer horten dan stoten en dus zien we een voortgang waar we heel tevreden mee mogen zijn.

Het betekende echter ook dat ik in de afgelopen maanden vrijwel iedere avond bezig was met mening geven over webdesigns, processen, mensen werven en zelfs het ontwerpen van een financieel administratief systeem. Last but not least zijn we ook hard bezig met het werven van durfkapitaal. Het betreft hier namelijk een start up wat zich bezig gaat houden met verzekeringen en je kan niet zomaar lukraak beginnen met het verkopen van verzekeringen. Daarvoor zal je in de jurisdictie waar je commerciŽle verzekeringsactiviteiten wilt ontplooien een verzekeringslicentie moeten hebben. Ook daarin zijn wij vergevorderd en ziet het op zich goed uit.

Hoewel dat het er goed uitziet is het een beetje een kip en ei verhaal: geen kapitaal, geen licentie. Geen licentie, moeilijk om kapitaal aan te trekken. Gelukkig zijn we al een heel eind op weg wat betreft het kapitaal wat toch wel een stevige vetrouwensboost geeft. Naast de initiŽle investeerder van US$3mm die nu zeg maar de salarissen etc betaalt hebben we een vrij grote vis van US$20mm gevangen wat een heel stuk op weg is naar het bedrag wat we nodig hebben. We hebben goede hoop dat het gaat lukken maar mocht dat niet lukken dan tjah, dan is het in principe einde oefening.

Hoewel die tweede baan mij slaap kost is het wel erg gaaf om met een start up bezig te zijn. Je leert onwaarschijnlijk veel omdat je met van alles en nog wat bezig moet zijn. Ook de wereld van VC’s, venture capitalists, is fascinerend. Niet direct een wereldje waar ik mij thuis voel maar desalniettemin verdraaid interessant. Ongetwijfeld dat ik daar nog wel verder over ga bloggen maar voor nu zeg ik: tot blogs!

Bezint eer ge begint

Door Chief op dinsdag 6 maart 2018 07:27 - Reacties (10)
Categorie: Werk, Views: 3.339

Net als ieder andere baan heeft die van mij ook enkele aspecten die ik niet superleuk vind. Bovenaan mijn lijstje: de interactie met de salespersonen van investment banks. Feit is echter dat wij/ik ze soms toch nodig heb. Er is voor mij dus geen ontkomen aan.

Vooropgesteld, het ligt meestal niet aan de personen zelf maar aan de organisatie van een investment bank. Vaker wel dan niet hebben ze een structuur waar ze heel specifiek relatiemanagers/salespersonen hebben die de relatie met de klanten warm moet houden en daar waar nodig ondersteund worden door productspecialisten. Dit leidt ertoe dat de relatiemanagers van heel veel een beetje weten maar al snel de productspecialisten moeten inschakelen zodra er dieper op materie wordt ingegaan.

Daar tegenover staat dat de productspecialisten veelal niet over de vereiste commerciŽle kwaliteiten beschikt of te ver van de klanten afstaat waardoor ze niet in staat zijn om deals te sluiten met klanten zoals wij. Een directe oplossing heb ik er niet voor en dus moet ik zo goed en kwaad mogelijk door dat landschap navigeren.

Heel soms hit je een homerun en kom je een relatiemanager tegen die wťl de hoed van de rand weet. In de 10+ jaren dat ik in de financiŽle wereld rondhobbel is dat welgeteld ťťn hele keer voorgekomen. In honkbaltermen: hitting 1 for 200. Give or take. Dat betekent dat ik de overige 199 keer met een gevoel van tijdverspilling de meeting weer verliet. Niet iets om heel vrolijk van te worden.

Van die 199 overige keren werd vorige week toch wel het voorlopige dieptepunt bereikt maar er zat toch wel een element van humor aan. Sta mij toe dit toe te lichten. Het betrof hier naar balanstotaal gemeten grootste bank in Nederland die nog wat activiteiten in AziŽ heeft. De relatiemanager, een Nederlander, is gevestigd in het kantoor in Singapore en was door AziŽ aan het toeren met twee senior bankers uit Londen en vroeg zich af of wij tijd hadden. Aangezien ik verwachte dat die twee senior bankers wel diepe vakinhoudelijke kennis hadden stemde ik toe.

Aan het begin van het de meeting stelden de drie mannen zich netjes voor. Wat ze tegenwoordig deden, waar ze vandaan kwamen en voor wie ze eerder hadden gewerkt enzo. De twee mannen uit Londen gaven de leiding aan een clubje die zich voornamelijk richten op andere financiŽle instellingen als klanten, waaronder wij. Aangezien de bank waar zij voor werkten enkele jaren geleden hun verzekeringsactiviteiten hadden afgestoten wilden zij zich binnen de financiŽle instellingen meer op (her)verzekeraars richten.

Voordat ik nog een woord had kunnen zeggen spoot de Nederlandse relatiemanager zijn gal. Hoe blij hij wel niet was dat de bank eindelijk van de verzekeraar af was. Volgens hem vertraagde die verzekeraar alleen maar processen en waren ze daar veel en veel te voorzichtig om maar te zwijgen van de stoffige imago die verzekeraars nou eenmaal hadden. Nee, het was niet makkelijk om bankier te zijn voor een bank met zoveel invloed van een verzekeraar wist hij te melden. Enigszins geamuseerd hoorde ik zijn minutenlange relaas geduldig aan terwijl zijn collega’s af en toe bevestigend knikten. Het toeval wil namelijk dat die “vertragende” verzekeraar jarenlang een beste werkgever was voor mij en ik dus de facto een oud-collega was.

Toen hij eenmaal klaar was het tijd om onszelf te introduceren en mijn collega hield het kort want hij kon niet wachten op wat er zou gebeuren als ik aan het woord kwam. Fijntjes gaf ik aan dat ik uit Nederland kwam wat al een aantal verbaade gezichten opleverde ťn…..jarenlang met heel veel plezier voor de zojuist verguisde verzekeraar had gewerkt. Beheerst gaf ik aan dat in mijn optiek de volle potentie van de synergie tussen de bank en de verzekeraar niet werd behaald omdat de twee als volledig onafhankelijke entiteiten werden beoordeeld. De targets van beide CEO’s waren vrijwel volledig toegespitst op de (financiŽle resultaten) van hun eigen toko. Je kan je dus voorstellen dat bij kostenallocaties en andere interne transacties de leiding van de twee entiteiten volledig tegenover elkaar stonden.

Ik kan het weten, ik had vaker dan eens bij een boardmeeting van het hoofdkantoor gezeten aangezien ik rechtstreeks rapporteerde aan de CEO van de verzekeringstak en tijdens zulke meetings was het niets meer dan hanengevecht en koehandel waarbij vaak het groepsbelang vrijwel geen rol van betekenis betekende. Overigens kostte ťťn van die interne transacties bijna mijn baan maar dat is misschien voor een andere blog.

Anyway, ik denk dat jullie je voor kunnen stellen dat de meeting met mijn “oud-collega’s” vanaf dat moment vrij awkward verliep en ook veel korter duurde dan doorgaans het geval is waar de tegenpartij toch graag wil laten zien wat zij allemaal in huis hebben. Nu dus even niet.

We waren binnen 30 minuten, en dat was inclusief het voorstel rondje, klaar. Ik kreeg een vluchtige hand van de tegenpartij voordat ieder haar eigen weg ging. Prachtig. Ik werk in een branche waar vrijwel alles een prijs heeft maar dit soort momenten, dit soort zeldzame momenten, priceless.