Banaan

Door Chief op maandag 29 augustus 2016 04:12 - Reacties (24)
Categorie: -, Views: 3.719

Ik ben een banaan. Geel van buiten, wit van binnen. Dat maakt het dat ik een beetje tussen wal en schip val. Ben ik nou een Nederlander met Chinese roots of een Chinees met Nederlandse roots? Een vraag die aan mij begon te knagen maar waar ik geen antwoord op had.

Kijk, ik durf best een weddenschap aan te gaan dat als ze een typische Nederlander willen casten dat ze niet als eerste bij mij aankloppen. Ook niet als tweede. Ik kan perfect ABN spreken, zelfs Limburgs dialect, rondhossen in een boerenkiel tijdens carnaval (been there, done that) maar dat maak mij nog geen Nederlander. Ik heb mijn uiterlijk gewoon niet mee. Buiten de incidentele discrimatie heb ik daar ook voordelen aan gehad. Toen ik nog naar de kleuterschool ging werd ik geacht daar zelf naar toe te lopen en ook weer naar huis. De school lag ook maar 200m-300m van mijn ouderlijk huis. Mijn moeder vertelde dat op een middag een klant mij achterop nam op zijn fiets en naar huis bracht. Sindsdien heeft hij dat jaren gedaan, tot en met mijn eerste jaar in de basisschool. Hij stond altijd op mij te wachten voor de middagpauze en later weer in de middag als school uit was. Weer of geen weer, hij stond daar. Zomaar. Hij weigerde iedere vorm van betaling. Ik heb hem nooit gevraagd waarom hij dat deed, ik vond het allang prima. Waarschijnlijk was de beste man gepensioneerd. Hoewel er meer kinderen zelf naar school gingen kreeg ik een lift. Tja, als je allemaal lieve witte zwaantjes bij hun moeder ziet dan vind je dat ene donkere zwaantje misschien toch net even interessanter. Idem toen ik op een leeftijd kwam dat ik meisjes toch wel erg interessant vond. Problemen met het vinden van vriendinnetjes had ik niet. Ook wel logisch: als je iedere dag Hollandse pot hebt gehad dan heb je wel eens zin in “iets anders”. Verandering van spijs doet eten hè en aangezien ik één van de zeer weinige allochtonen op school was werd ik al snel die “iets anders”. Bij het solliciteren naar een baan heeft mijn uiterlijk meer geholpen dan kwaad gedaan. Als werkgevers een Chinees zien dan denken ze al vrij snel dat die wel goed kwantitatief onderlegd zou zijn. Die eigenschap was wel een vereiste in mijn branche dus had ik die bonuspunt in ieder geval toch binnen. Zolang ik mijn mond een beetje hield tenminste.

In 2009 kon ik per toeval testen of ik dan een Chinees was met Nederlandse roots. Het toeval wilde dat ik door mijn toenmalige manager gevraagd werd of ik eventueel in Hong Kong wilde werken. Met een strak gezicht vroeg ik om bedenktijd terwijl in mijn hoofd de discolichten al op maximaal vermogen aan het draaien waren. Fistpump! Ondanks dat ik ontzettend graag wilde moest ik natuurlijk overleggen met mijn wederhelft en zij was zowaar voor het avontuur te porren. Het bracht ons ook dichter bij haar familie en dat bracht mij dan weer aan het twijfelen: was het zo verstandig om dichter bij je schoonfamilie te gaan wonen? Ach, kom. Veel erger dan ons huwelijksfeestje aldaar (zie een eerdere blog) kon het niet worden en zo besloten we om het erop te wagen. Vrouwlief had haar ontslag ingediend maar haar werkgever wilde haar niet zomaar laten gaan. Ze hingen een dikke bonusworst voor haar neus om haar wat langer te laten blijven. Bonusworst won het van de liefde voor haar man en zo zat ik dus de eerste vijf maanden alleen in Hong Kong. Kan niet zeggen dat ik het haar kwalijk nam en er waren wel ergere dingen in de wereld (voor de getrouwde mannen onder ons: u weet wat ik bedoel).

En zo zat ik dus enkele maanden later alleen in Hong Kong. Qua uiterlijk paste ik in ieder geval wel beter in de omgeving. Zwart haar, kleine oogjes, platte neus. Mijn lengte was wel bovengemiddeld maar verre van monsterlijke proporties. De taal verstond ik ook prima en het dagelijks horen van Cantonees om me heen deed me eigenlijk best goed. Ik ging nu ook wekelijks op bezoek bij mijn laatst overgebleven grootmoeder. Het oude besje van bijna negentig woonde in een verzorgingstehuis en was al jaren bedlegerig maar op zich nog goed bij geest. Het leek erop dat ik me hier toch meer thuis voelde.

Helaas was het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Als ik bijvoorbeeld in mijn eentje uit ging eten daar in een lokale tent. Dan kreeg ik een menu in mijn handen geduwd en wat er op stond leek wel Chinees for all I know. Want zie, ik kan geen Chinees lezen of schrijven. Als ik dan vroeg of ze niet ook toevallig een menu in het Engels hadden dan kreeg ik of een boze blik omdat ze dachten dat ik met opzet moeilijk deed of ik kreeg een meelijwekkend blik zo van “ach arme jongen toch, heb je nooit leren lezen of schrijven”. Soms volgde de ene blik de andere op. Mijn ouders hebben overigens wel geprobeerd om mij Chinees te laten leren lezen en schrijven hoor. Ik weet niet meer wanneer precies maar dat zal zo rond de tijd zijn geweest dat ik aan de middelbare school begon. Vroeg mijn moeder bloedserieus of ik mijn vrije zaterdag ochtenden wellicht wilde besteden aan het volgen van lessen aan een Chinese school, 30km verderop. Ik heb jaren buikpijn van het lachen gehad. Achteraf had ik wellicht beter minder moeten lachen en beter moeten luisteren…… Daarnaast was ik ook in het nadeel bij het afdingen, de lokale nationale sport nummer één. Verkopers roken buitenlanders van grote afstand en buitenlanders betekende voor hen maar één ding: een hogere prijs. Ik testte het met de hulp van bevriende collega’s die ook wel in waren voor een praktijktest. Zij vroegen dan naar de prijs voor een bepaalde artikel en begonnen een beetje te onderhandelen. Zonder het product te kopen verlieten zij dan de toko en niet veel later deed ik hetzelfde. Zo begon dezelfde verkoper bij mij met een hogere prijs en liet die de prijs lang niet zo ver zakken als bij mijn collega. Na enkele weken van deze hoge kwaliteit van consumentenonderzoek kon ik gerust stellen dat ik werd gezien als buitenlander. Fail.

Ik maakte ook wel misbruik van het feit dat ik als buitenlander werd gezien. Zo was er een keer een inval toen ik ergens een potje aan het kaarten was. Toen ik het Chinees werd gevraagd om mijn identiteitskaart te laten zien loog ik dat ik geen Chinees sprak. Ik mocht vertrekken terwijl de anderen moesten blijven zitten. Je kan veel zeggen van de agenten daar maar zin in extra papierwerk hadden ze in ieder geval niet. En zie daar: bij het WK voetbal in Zuid-Afrika had ik grote drang om Oranje aan te moedigen. Uitgedost in het Oranje gingen vrouwlief, die zich eindelijk bij mij had gevoegd, en ik naar het Heineken café waar de Nederlanders zich verzameld hadden. Luid aanmoedigend en high fivend met wildvreemden, doch vertrouwd aanvoelende landgenoten. Ben ik dan toch een Nederlander met Chinese roots?

Ach, weet je, wat maakt het ook allemaal uit. Het is maar een naam, niet meer dan een verwijzing. Hoe mensen mij zien heb ik niet in de hand en dat is eigenlijk ook helemaal niet erg. Ik val namelijk niet alleen tussen de wal en het schip maar ik kan ook lekker van twee walletjes eten en dat smaakt goed.

50 jaar

Door Chief op maandag 22 augustus 2016 09:58 - Reacties (12)
Categorie: -, Views: 2.436

In augustus 1966 zijn mijn ouders getrouwd en sindsdien hebben ze lief en leed met elkaar gedeeld. Ik kan je eerlijk vertellen dat het voor mijn moeder, zeker in het begin, het “lief” gedeelte ver te zoeken was. Het hebben van een gokverslaafde alcoholist als echtgenoot zou voor vrouwen meer dan genoeg reden zijn geweest om de handdoek in de ring te gooien. Een probleem die zich vermenigvuldigde met een startende onderneming en de daarbij horende schulden. Of dat niet genoeg is heeft mijn moeder haar toen nog enige dochter achter moeten laten bij haar schoonouders. Het opvoeden van haar kind terwijl ze zelf naar een onbekend land ging met een onbekende toekomst, zonder eigen onderkomen leek haar verre van ideaal. Ze zouden pas enkele jaren later herenigd worden in Nederland. Zo verging het ook dochter nummer twee die acht jaar later in Hong Kong ter wereld kwam. Nog steeds tot de nek, en soms daarboven, in de schulden koos ze ditmaal ervoor om de opvoeding over te laten aan haar eigen ouders ipv schoonouders. Ik kan mezelf er niet toe brengen om me voor te stellen hoe ik jr zou moeten achterlaten bij mijn ouders of schoonouders. Schiet mij maar ter plekke lek.

De schuldenberg nam jaarlijks toe en daarbovenop leende ze ook geld om jaarlijks naar Hong Kong te vliegen om haar dochter te zien. Het moederinstinct is sterker dan de afschuw om het ene tekort met het andere aan te vullen. Twee jaar na de geboorte van dochter nummer twee kregen ze een zoon, ondergetekende. Waarom ze ondanks de penibele financiële situatie, en dan druk ik het nog optimistisch uit, nog een kind ter wereld brachten is heel simpel: sociale druk. Voor Chinezen is een zoon, een stamhouder, bijna heilig. Die taak had ze tenminste volbracht en het zou daarna nog zes jaren duren voordat ze haar volledige kroost bij elkaar in Nederland had. Dat was slechts een oplossing voor de vele problemen die zij in haar huwelijk had. Meer dan eens heeft ze met een koffer in de ene hand en haar kinderen in haar andere hand gedreigd met vertrek uit een schijnbaar hopeloze situatie. Het enige wat haar keer op keer weer tegenhield waren diezelfde kinderen die ze aan haar hand had. En hoop. Hoop op een mirakel dat er ooit betere tijden zou zijn.

En een mirakel, dat kreeg ze. Ze moest er dondershard voor werken maar niettemin een mirakel. De alcoholverslaving van haar man, mijn vader, verdween en daarmee gingen de zaken ook zichtbaar beter. Weer nuchter zetten beiden hun schouders eronder met als resultaat dat er iedere maand meer verdiend dan uitgegeven werd hoewel de gokverslaving nog wel eens voor diepe rode cijfers zorgden. Desondanks bleven de cijfers onder de streep zwart en kon zowaar begonnen worden met het aflossen van de schulden. De toekomst zag er iets beter uit. Negen jaar na de geboorte van hun derde kind werd ze verrassend zwanger van een vierde kind en werd een gezinsvergadering ingelast. Ze wilde toch wel de mening van haar al aanwezige kroost aanhoren. Ondanks dat ondergetekende meende recht te hebben op een vetorecht werd zijn eis niet ingewilligd en werd dochter nummer drie gezond ter wereld gebracht ondanks de gevorderde leeftijd van mijn moeder.

Hoewel de onderneming het financieel beter deed namen ook de uitgaven navenant toe. Vier opgroeiende kinderen, de huisvesting van de ouder wordende ouders en schoonouders, de (vervolg)studies van familieleden, al deze uitgaven kwamen uit dezelfde pot. Mijn ouders kunnen dus met recht zeggen dat ze niet alleen de klanten van eten hebben voorzien maar zowat onze hele familie. Als klapper bleken ook alle vier de kroost nog een redelijke goede kop te hebben en te kunnen studeren. Ga er maar aan staan: vier studerende kinderen die ook nog eens de oren van hun kop aten. Dat was wel het mooie van het hebben van een restaurant: we hebben in ieder geval nooit honger geleden.

De zaken bleven beter en beter gaan en financieel kwam het meer dan goed. De stressfactor nam echter exponentieel toe, helaas door externe factoren waar mama geen invloed op had: de Belastingdienst, de Keuringsdienst van Waren en de Vreemdelingenpolitie. Voor vele Chinese restaurant de triangle of death en een willekeurige steek van één van de drie was vaak voldoende voor een harde reset. De laatste tien jaar waren Chinese restaurants regelmatig negatief in het nieuws: onhygienische omstandigheden, het ontwijken van belasting middels zwarte omzet en/of het inhuren van illegalen. Ik ben als eerste om te bekennen dat ook wij vaker dan eens door de Keuringdienst van Waren op de vingers zijn getikt. Dat er wel eens een klant zich kwam melden nadat een bestelling die hij bij ons had geplaatst sneller dan bedoeld zijn/haar lichaam had verlaten. Guilty as charged. Belastingontduiking of illegalen, niets daarvan. Daar wilden pa en ma niet aan. Meer uit angst dan voor iets anders. Helaas was je in die tijd als Chinees restaurant houder schuldig tot het tegendeel bewezen werd. Regelmatig kwamen de drie op bezoek. Soms afzonderlijk maar vaker in een gezamenlijke operatie. Deze operaties voelden niets minder aan dan razzia’s. Met veel machtsvertoon kwamen ze de zaak binnen, wuivend met verordeningen. Zelfs privégedeeltes gingen ze binnen zonder te vragen terwijl dat wettelijk niet mocht. Een formele klacht hierover werd opgelost door de volgende bezoek op een zaterdag/zondagavond om 18:00 te laten plannen. Juist, het moment dat je zeker weet dat ze binnen zouden komen wanneer de toko vol stond met wachtende klanten.

Nog nooit werden mijn ouders schuldig bevonden aan grove hygiënische nalatigheid, belastingontduiking of het tewerk stellen van illegalen. Dat waren geen van allen redenen voor de instanties om wellicht te geloven dat er hier wel eens eerlijk zaken werden gedaan. De bezoekfrequentie nam toe en op den duur speelden we met de gedachten om dan maar de boeken aan te passen. Wellicht zouden ze zich inhouden als ze iets zouden vinden. Dat ging de eer van mijn ouders natuurlijk te na maar het is wel de directe reden geweest dat mijn moeder het opgaf. Niet de alcoholistische, gokverslaafde echtgenoot, niet de bergen schulden waar de Titanic ook moeiteloos mee tot zinken zou zijn gebracht, niet de vier kinderen waarvan ondergetekende met geluk het vierde levensjaar haalde, niet een hele familie in het Verre Oosten die financieel afhankelijk is, geen enkele van deze op zichzelf al legitieme redenen hebben haar de handdoek in de ging laten gooien. De handdoek raakte de grond door die instanties die juist de handhaving van de wet en veiligheid moeten verzorgen. Veel ironischer kan ik het echt niet verzinnen, al probeer ik het.

De eerste jaren van hun pensioen gingen met horten en stoten. Niet in de laatste plaats door het feit dat ze van een 70+ urige werkweek naar een nul-uren contract gingen. De stress kwam er vrijwel meteen uit bij mijn moeder wat eigenlijk alleen onderdrukt kan worden middels anti-depressieven. Daarna werd het wel beter. Een stuk beter. Kleinkinderen kwamen ter wereld en inmiddels konden ze hun dag vullen. Ze was gelukkig. Totdat ze werd geconfronteerd met een echtgenoot die langzaam, doch zeker, aftakelt door een ziekte die kanker heet. Soms zit het leven tegen en soms een beetje meer. Klagen deed, en doet, ze echter nooit en als ze al beklaagde dan was de reden vaker wel dan niet haar zoon.

Voor de oplettende lezers: Mijn ouders zijn inderdaad deze augustus 50 jaar getrouwd en meer specifiek, afgelopen weekend. Een mijlpaal waar ik in de verste verte niet over durf te dromen met vrouwlief maar die zij hebben gehaald. Een mijlpaal die zonder de kracht van mijn moeder allang zou zijn begraven. De eerste mijlpaal die mijn vader zich ten doel had gesteld toen hij de diagnose kreeg. Vijftig jaar geleden begon hun reis als echtpaar. Een reis die hun letterlijk naar het onbekende zou leiden. Een reis van nu vijftig jaar met vele diepte- en hoogtepunten die ik niet beter kan samenvatten dan onderstaande foto van afgelopen weekend in Valkenburg (met dank aan mijn zussen).


Verte

Vlad

Door Chief op dinsdag 16 augustus 2016 11:35 - Reacties (17)
Categorie: -, Views: 2.133

Een blog meer deze week omdat ik vandaag toch wel een erg speciaal mailtje ontving. Lees hieronder meer.

Een aantal jaren geleden werd ik tijdens één van mijn werkbezoeken aan Roemenië door de bedrijfschauffeur op het vliegveld opgehaald – een luxe die ik overigens niet vaak tegen kwam. Een man van het formaat bulldozer had een A4 in zijn hand met onze bedrijfslogo en mijn naam. Aarzelend schudde ik de man zijn hand, in de hoop dat ik deze niet verbrijzeld terug zou krijgen. Een stevige, doch schadevrije (hoogstens mijn ego had een deukje maar dat kon zeker geen kwaad) handshake verder loop ik gedwee met de man mee en hij brengt me stilzwijgend in minder dan drie kwartier naar ons kantoor in Boekarest. Kijk, ik ben niet op mijn mondje gevallen en open makkelijk gesprekken met vreemden wat ik normaliter ook prettig vind. In dit geval was ik enigszins geïntimideerd, niet op zijn laatste plaats door het fysieke geweld wat achter het stuur zat. Gedurende de twee dagen van het bezoek zorgde hij dat ik veilig kon pendelen tussen kantoor en hotel. Al deze ritjes waren hetzelfde als de eerste rit: een oordovende stilte die alleen werd overstemd door het getoeter van medeweggebruikers wat heel normaal is in Boekarest. Hoogstens een good morning en good bye werd er uitgewisseld. Voordat jullie al afhaken met het lezen van deze blog: please bear with me.

Op de laatste rit van het bezoek bracht Arnold – ik wist nog niet hoe hij heette en dus gaf ik hem een koosnaam – mij naar het vliegveld. In de eerste 5 minuten van de rit ging de telefoon van Arnold over. Dat was al vaker gebeurd in deze twee dagen en elke keer keek hij even op een schermpje en klikte de ringtoon vervolgens professioneel weg. Niet deze keer. Hij deed zijn oordopjes in en begon in het Roemeens te spreken met een bastoon geheel in lijn met zijn imposante fysiek. Aha! Hij spreekt dus meer dan twee woorden! Na enkele zinnen stokte de conversatie even. Blijkbaar werd de telefoon aan de andere kant overgedragen want ineens hoorde ik Arnold in een ontzettend zachte, lieve stem spreken. Ik plaste bijna in mijn pantalon van verbazing. Ondanks dat ik geen woord kon verstaan was de toon gewoonweg vertederend. Arnold hing op. “Sorry, daughter sick” zei hij verontschuldigend terwijl hij mij via de achteruitkijk spiegel aankeek. Ik was nog niet zo lang geleden vader geworden dus ik begreep donders goed wat hij bedoelde. Ideaal moment om een gesprek aan te gaan met Arnold en dus vroeg ik naar van alles en nog wat. Hoeveel kinderen, hoe oud etc. Arnold heette Vladimer, Vlad mocht ik hem noemen. Hij was vader van een tweeling van meisjes die amper twee jaar waren. Zijn Engels was gebrekkig maar hij deed enorm zijn best om de conversatie gaande te houden. Hij stelde vragen terug. Of ik vader was. Hoe oud mijn zoontje was.

Voor ik het wist kwamen we aan op het vliegveld en ik kreeg weer een stevige handdruk. Enkele maanden later ging ik weer terug naar Boekarest en jawel, Vlad stond weer op mij te wachten. Daar hoopte ik al op. Ik had deze keer twee Nijntje knuffels meegebracht. Dezelfde als waar mijn zoon iedere nacht mee sliep (nog steeds!) maar dan in een roze kleur ipv blauwe. Mijn zussen waren zo enthousiast van de zwangerschap van vrouwlief dat we zowel een roze als een blauwe knuffel van ze hadden gekregen en voor deze gelegenheid had ik nog een roze gescoord. Voordat we de auto instapten overhandigde ik de knuffels. Vlad wilde het niet aannemen maar ik kon hem toch overtuigen. Nee, niet met mijn kansloze fysiek nee. Ik hoopte dat zijn dochters het leuk vonden. Gedurende de rit en ook de daarop volgende ritten kwam ik van alles van hem te weten. In zijn vorige leven was Vlad een professionele gewichtsheffer. Helaas kon hij daar zijn gezin niet van onderhouden en is hij bewust en zonder wroeging op zoek gegaan naar een carrière switch. Al snel was hij een bouncer bij een één van de vele nachtclubs die de stad rijk is maar helaas met hetzelfde resultaat: te weinig inkomen. Zeker toen de tweeling gezond en wel ter wereld kwam en dus nam hij de baan van chauffeur erbij. Juist. Erbij ja. Mijn respect voor deze man groeide met ieder gesprek. Niet dat ik hem daarvoor niet serieus nam of zo: hij kon mij zonder ook maar een zweetdruppel te laten 100 keer benchpressen schatte ik zo in. Zijn dag zag er als volgt uit. Om half zeven staat hij op om met de meiden (net zo’n vroege vogels als onze zoon) te spelen voordat hij gaat rijden. Rond half zeven ’s avonds is hij thuis om te eten en de tweeling naar bed te brengen waarna hij naar de club gaat tot 2u in de ochtend wanneer hij wordt afgelost. Godskolere, ik zou binnen enkele weken instorten met zo’n schema. Enige luxe die hij zich veroorloofde was de zondag waarop hij vrij was. We bespraken zijn zorgen over de toekomst van hun dochters. Als ze de pubertijd zouden bereiken en vriendjes mee naar huis zouden nemen. Ondanks dat ik geen dochter had was ik het volledig met hem eens. Als ik een dochter zou hebben dan zou ik haar 24/7 laten bewaken tegen het gespuis. Geen jongen zou goed genoeg zijn en ik zou geen oog dicht doen tot dochterlief weer maagdelijk schoon thuis zou zijn. Als zo'n gastje dan toch blijft slapen dan slaap ik op dezelfde kamer. Met open ogen uiteraard. Gekscherend opperde ik dat Vlad dan misschien full-time bewaker wilde worden?

Het daaropvolgende bezoek liet hij mij een foto op zijn telefoon zien: zijn tweeling al slapend met de Nijntjes! Ze waren er verzot op en dat deed mij oprecht deugd. De telefoon leek een speldenknop in zijn kolenschop en de meiden zagen er zo mogelijk nog teerder uit. Hij vroeg mij opeens heel verlegen of ik een avond tijd had. Zijn vrouw en hij wilden mij graag uitnodigen voor een etentje bij hun thuis als bedankje. Hoewel ik dat natuurlijk veel te veel eer vond voor zo’n kleinigheidje hapte ik meteen toe. Ik was erg benieuwd naar de tweeling en het gaf mij een kans om bij een Roemeen thuis te komen. Ik heb de afspraak van die avond laten annuleren en ben met Vlad meegegaan naar huis. Een appartementje aan de rand van de stad met 1 slaapkamer. Één slaapkamer waar ze met z’n vieren sliepen. Een huiskamer/keuken die al bijna volstond met alleen de (vergrootte) box voor de meiden. Op een paar planken stonden grote bekers. Bekers die Vlad gewonnen had als bodybuilder. Deze man was de bescheidenheid zelve, hij had nooit verteld dat hij prijzen had gewonnen. Zijn vrouw ook overigens. Hoe zo’n kolos zo teder met zijn kinderen om kon gaan, magisch. Daar heb ik ontzettend veel van geleerd en dat heb ik Vlad ook verteld. Voor mij is hij een voorbeeld figuur en daar schaamde ik mij allerminst voor.

Helaas heb ik in mijn laatste rol voordat ik emigreerde niet zoveel kans meer gehad om Boekarest, of Vlad, te bezoeken maar die keren dat ik er was had ik een goede vriend. Voor ons vertrek naar het verre oosten heb ik nog vier identieke Nijntjes opgestuurd. Ik weet immers hoe overstuur jr kan zijn als hij die van hem kwijt is (been there, done that dus wij hebben nu zes replica’s in huis). Samen met een foto van jr knuffelend met zijn Nijntje en de woorden: “Just in case you ever need these!”.
Onlangs mailde ik hem dat vrouwlief zwanger is van een meisje – jaaaaaaa lezers, het wordt een meisje!! – en vandaag kreeg ik een mailtje van hem terug met daarin een foto. Een foto van hem met op iedere arm een dochter, zittend op zijn enorme biceps. Met de woorden “Just in case you ever need these”.

Nijntje

Mijn eerste carriere

Door Chief op maandag 15 augustus 2016 03:50 - Reacties (21)
Categorie: -, Views: 6.723

Als zoon van uitbaters van een horeca gelegenheid stond mijn eerste carrière natuurlijk in de sterren geschreven al was het uiteraard niet mijn eigen keuze. Als starter mocht ik, lees: moest, mij ontfermen over de afwas. Je eigen zoon inzetten is nog altijd goedkoper dan het installeren van een industriële vaatwasmachine. Stapels borden, glazen en bakken vol bestek heb ik mogen ontdoen van hun restjes alvorens deze weer werden hergebruikt. Aangezien er meer borden overleefden dan sneuvelden werd ik een tijdje later gepromoveerd. Een titel had die positie niet maar de werkomschrijving was zeer duidelijk: het manusje-van-alles. Dat alternatieven niet voorhanden waren voor mijn ouders doet daar niet aan af. Met deze felbegeerde promotie groeide mijn takenpakket en ook de verantwoordelijkheden aanzienlijk. Zo mocht ik afhaalgerechten inpakken, sauzen bijvullen, peuken voor mijn pa halen, you name it, I did it. Na deze promotie kende mijn ambities geen grenzen meer. De top, daar wilde ik heen. Ik wilde naar de felbegeerde Tijgerkop. Tijgerkop? Ja, Tijgerkop. Voordat jullie weer denken “oh God, die Chinezen eten ECHT alles”: Het is een plek in de keuken en letterlijk vertaald uit het Chinees. Het aanzien en de macht die die plek zou geven deed mijn hart sneller kloppen. De plek die zolang ik mij kon herinneren was gereserveerd voor mijn moeder.

Die plek is het epicentrum van iedere Chinese keuken. Dé plek waar het verschil gemaakt wordt tussen hemel en hel op een stampvolle avond. De plek die de meesten van jullie kennen als………“Het Luik”. Je kent die plek wel bij jullie lokale Chinees. Die mysterieuze plek achter de balie waar een luikje omhoog en omlaag gaat. Waar jou bestelling doorheen geschoven wordt en even later, voilà, uw bestelling. Pure magie natuurlijk en op een donkere zondag waar mijn moeder geveld was door een stevige griep mocht ondergetekende zich voor het eerst plaatsnemen op dé plek. Als carrière lustige , doch hevig puberende tiener, zou ik er alles aan doen om te laten zien dat ik deze ad interim positie waard was. De Tijgerkop voor Chinezen, Het Luik voor de Hollanders maar heel simpel gezegd: het logistiek hart van ieder Chinees restaurant.

De taak van diegene die op die plek staat is simpelweg er voor zorgen dat de koks weten wat ze moeten koken en dat de juiste gerechten met de juiste bestelling weer naar buiten gaan. Op een bord of ingepakt. Heel simpel. Tot je 20+ orders voor je neus hebt met daarachter nog een hele stapel waar je nog niet aan begonnen bent. De standaard weekend dagen dus wanneer het volk van hun welverdiende weekend wilden genieten en geen uren achter de stoof wilden doorbrengen. Als je alle tijd van de wereld hebt is dat ook nog geen probleem maar ja, als klant wil je geen half uur wachten op je Babi Pangang. Of thuiskomen met Nasi terwijl je Bami hebt besteld. Veel bonnen en weinig tijd dus. Die druk lag dus bij mij en man, wat hield ik daarvan. Vanaf het eerste moment regeerde ik de keuken met ijzeren hand. Als ware dictator riep ik de orders via de intercom (broodnodig als je beseft dat er naast enorme hoeveelheden voedsel ook decibels worden geproduceerd). Zelfs mijn pa moest gedwee luisteren naar zijn zoon. Tijd om in te werken had ik niet want vanaf het eerste moment was het stormvloed. Al snel leerde het personeel voor Het Luik ook af om te vragen waar bestelling X bleef of dat mevrouw Y wel al heel erg lang aan het wachten was. Iedere poging daartoe werd hartelijk begroet met een stortvloed aan vloekwoorden, vaker wel dan niet vergezeld met consumptie. Moeder kwam met een bleek gezicht toch even kijken maar werd met dezelfde ijzeren weggestuurd. Hier was geen tijd voor sentiment of twijfel. Het was stervensdruk en discussies vertragen processen alleen maar. Niet mauwen, bonnen douwen.

Op pure adrenaline vloog ik door de spits en toen de lawine aan bonnen eindelijk ging liggen ben ik op de binnenplaats gaan zitten. Pa kwam naast me zitten met een frisdrank voor mij en een thee (met suiker en melk uiteraard) voor hemzelf. Een aai over mijn bol en een brede lach. Een medewerker liep langs en ik krijg een waarderende klap op mijn schouder. Sindsdien was de Tijgerkop mijn plek en was mijn moeder mijn vervanger op de zeldzame weekend dagen dat ik er niet was.

De adrenaline maakte plaats voor vermoeidheid. Ik nam nog een grote slok van mijn frisdrank. Pa stond op aaide me nog eens over mijn bol. “Nu de afwas nog jongen”.

Tussenstop

Door Chief op maandag 8 augustus 2016 04:07 - Reacties (17)
Categorie: -, Views: 2.726

Goed, aangezien ik met de billen bloot ben gegaan met de beschrijving van ons huwelijksfeest in Vietnam lijkt het mij weinig kwaad meer kunnen om ook onze belevingen van ons feest in Hong Kong met jullie te delen. Inmiddels is het ook allemaal zo lang geleden dat mijn zelfvertrouwen ook weer langzaam herstellende is en durf ik weer met enige regelmaat in de spiegel te kijken. Ik zal verklappen dat het zweet wel weer van mijn gezicht gutste bij het schijven van die blog, terugdenkend aan de pijnlijke momenten. Wat het niet beter maakte: een half jaar later kwamen we weer bij mijn schoonouders op bezoek. Bij het betreden van het huis zag ik een foto op posterformaat aan de muur hangen die je pontificaal toelachte zodra je deur opendeed. Juist, een foto van de photoshoot met mij en dat malle hoedje en halve jurk. Weet je ook meteen hoe je schoonfamilie over je denkt. Dat aanzicht was overigens ook weer goed voor enkele sessies op de bank bij de psychiater. Ik dwaal echter af.

Drie dagen na ons wettelijk huwelijk en werkelijk waar fantastische bruiloft stapten we met z’n allen op het vliegtuig richting Hong Kong. Bijna allemaal want helaas kon mijn een na oudste zus kon niet mee vanwege haar twee kleine koters. Desalniettemin was het een bonte gezelschap van 10 volwassen. De man van mijn oudste zus stak er een beetje uit tussen ons. Met zijn 1m90, rossig haar en blanke huid viel hij aardig op tussen verder alleen Aziaten. En passant heeft de beste man ook nog een prachtig Drents accent die overduidelijk doorsijpelt in zijn Engels. Geen probleem, de meesten die hij tegen zou komen spraken toch geen Engels. Hij heeft daarnaast een huid dikker dan dat van een olifant dus hij schaamt zich niet snel. Dat is ook wel een vereiste als je met mijn oudste zus getrouwd bent maar dat is weer voor een andere keer.

Na aankomst hadden we een dag rust en de daarop volgende avond zou het banket plaatsvinden. Alle feesten waarbij Chinezen betrokken zijn spelen zich namelijk af rondom eten. De setting is dan altijd hetzelfde: een hotel of een restaurant waar ronde tafels staan opgesteld, iedere tafel voor 10 of 12 personen. Daar waar in Nederland normaliter ieder zijn/haar eigen gerecht bestelt is het in Azië gebruikelijk dat gerechten gedeeld worden en dat is in zulke gevallen wel een heel stuk eenvoudiger vanuit catering perspectief gezien. Mijn ouders hadden best een speciale locatie uitgezocht: een hotel naast het hotel waar zij destijds zelf hun huwelijk hadden gevierd! Dat hotel bestond overigens nog steeds maar dat vonden mijn ouders niet goed genoeg voor ons. Ik zou bijna tranen van ontroering laten ware het niet dat wat zich daarna afspeelde.

Wij waren ruim op tijd in het hotel om ons klaar te maken en mijn ouders wilden de ruimte inspecteren. Met de 170 man van het vorige feest nog in ons hoofd liepen wij snel mee. We sloegen de deuren open, mijn doorgaans kleine oogjes gingen naar formaat kopschoteltjes (voor zover dat kan) en je kon mijn onderkaak van de vloer vegen. In een oogwenk telde ik ruim twintig tafels wat dus simpelweg meer dan 200 gasten betekende. Mijn ouders waren al meer dan 40 jaar weg uit Hong Kong en hoewel mijn moeder ieder jaar wel terug ging konden ze toch nooit 200 mensen kennen, laat staan uitnodigen? Hoe kwamen ze aan zoveel mensen? Hadden ze lukraak mensen gebeld uit het telefoonboek of ze wilden komen? Geflyerd? KPN mag mijn ouders wel een bedankbriefje sturen voor de ongetwijfeld astronomisch hoge telefoonrekening. Ondertussen kwamen de mahjong geluiden ons al tegemoet. Geloof het of niet, er waren al gasten gearriveerd ondanks dat wij uren te vroeg waren. Niet speciaal voor ons hoor maar de mahjong honger moesten klaarblijkelijk gestild worden. Kwestie van prioriteiten dus.

We kleedden ons om en nu wel een voordeel van meerdere huwelijksfeestjes: vrouwlief kon de trouwjurk vaker dan eenmalig dragen en dan ook nog eens met dezelfde vent! Niet dat die jurk nou zo duur was, die heeft ze custom made laten maken in Vietnam waar ze toch naar toe moest om gecertificeerde geboortebewijzen e.d. op te halen. Onder lichte dwang werden we naar het podium gerangeerd. We moesten natuurlijk met de gasten op de foto. Nou, daar gingen we. De gasten met alleen het bruidspaar. Alleen met de ouders. Alleen met de schoonouders. Klik. Terwijl mijn hersenen langzaam in een smeuïge brei veranderden werd ik ook langzaamaan doof . Nou zijn Hong Kong Chinezen nog niet zo luidruchtig als mainland Chinezen maar heel veel decibel zal het niet schelen. In Nederland zou allang de politie zijn gebeld: of er varkens werden geslacht. Ik weet niet hoe vrouwlief het deed maar ze heeft de hele avond met een charmante glimlach rondgelopen. Ze had overduidelijk haar roeping als actrice gemist.

Mijn ouders genoten zichtbaar en dat dempte de pijn enigszins. Vrolijk vlogen ze van tafel naar tafel. Voor hun was het echt een reünie met oude bekenden. Toch knap dat ze na al die jaren iedereen hebben weten op te sporen. Dat moet toch het betere speurwerk zijn geweest. En wij? Ach, hoewel we behoorlijk hersendood waren op het eind van de avond hadden ook wel lol gehad. Het eten was prima en wonder boven wonder hoefden wij ons niet aan de karaoke te wagen. Tenslotte zijn er toch ergere dingen dan je eigen huwelijk te vieren, nietwaar? (voor het antwoord, lees voorgaande blog)