The Uncles, the saga continues - deel VII

Door Chief op maandag 16 januari 2017 04:12 - Reacties (23)
Categorie: -, Views: 1.382

Met Uncle John was ik een appartement binnengestapt op zoek naar Uncle Ngau en de pokergame. Geen van beiden hadden we gezien bij het betreden van het appartement en we waren het keukentje binnen gelopen. Wat ik daarna zag lezen jullier hieronder

In de keuken zie ik niets anders dan een koelkast en iets wat door het leven zou moeten gaan als een fornuis maar eerder een stuk metaal van des schroothoop leek. De vraagtekens in mijn hoofd nemen toe in aantal en omvang tot de man naar een groot gordijn liep wat aan een muur hing. Hij schoof het opzij en………tadaa…….een deur! Facepalm moment want dit had ik kunnen weten… Verborgen deuren had ik al vaker gezien, zij het niet in een appartement. De man bonkte twee keer op de deur waarna ik wat geklik van openende sloten hoor en als de deur open gaat komt er een lawine aan geluiden op ons af. Ik hoor duidelijk het geluid van dobbelstenen in een mal, het getik van Pai Gow stenen en luide krachttermen van gokkers. De geluiden worden bevestigd door wat ik zie: speeltafels met daaromheen mannen en vrouwen. Pai Gow, Sic Bo en baccarat als ik het zo snel bekijk maar daar verbaas ik me niet om. Nee, het is de ruimte die mij compleet verrast.

Dit grensde bijna aan het geniale. Naast de woning waar wij binnen waren gekomen hadden ze twee aangrenzende appartementen helemaal kaal gestript. Niet dat dat veel werk was, kwestie van een paar dunne muurtjes en keukens eruit. Alle wanden waren bedekt met isolatiemateriaal, zelfs over de voordeuren van die appartementjes en de ramen heen. Dat verklaarde waarom ik niets van het lawaai had gehoord toen we er langs liepen. Aan het plafond hing een wirwar van buizen die denk ik voor de luchtafvoer moeten zorgen maar desondanks was de rook minimaal een aantal centimeters dik. Ik kon de sigaretten in mijn zak houden want in deze lucht zou ik een veelvoud van de dagelijks benodigde hoeveelheid binnen krijgen.

Enkele dozijnen mannen en vrouwen stonden op deze vroege middag al aan de tafels hun fortuin te zoeken of te verkwisten en de bankbiljetten vlogen over de tafels, vergezeld van de nodige vloekwoorden. We waren echter op een klein maar niet onbelangrijk probleem gestuit: nergens zag ik een pokertafel, laat staan dat we Uncle Ngau ergens zagen en ondanks de dikke rook kon ik toch echt de hele ruimte overzien. Uncle John duwde mij weer zachtjes richting de deur en ik verwelkomde de frisse lucht meer dan ooit toen we weer in het eerste appartement stonden. Weer was het stil op de TV na die op een of andere lokale talkshow stond. Enkele seconden na ons ging de deur weer open en kwam het lawaai weer op je af en zodra die deur weer dicht was verdween het lawaai weer. Bizar hoe goed ze het geïsoleerd hadden, Ze hadden wellicht de luchtafvoer niet onder de knie maar je kon er volgens mij een concert houden zonder dat de buren in de gaten hadden.

Uncle John pakte zijn telefoon, zette die op de speaker en belde Uncle Ngau die al vlot oppakte. Waar hij in hemelsnaam zat. Hoezo, vroeg hij. Nou, we stonden in die toko in Kwun Tong en…… We werden door Uncle Ngau onderbroken met een bulderende lach. Dat was de oude toko, we moesten in Mong Kok zijn. Een diepe zucht van Uncle John en met het juiste adres van Uncle Ngau gingen we op weg. Godzijdank hoefden we niet in dat rokershol te blijven. Weer liepen we over de galerij en ik luisterde deze keer heel goed of ik iets kon horen maar nog steeds leek het muisstil in de appartementen waarvan ik wist dat het volstond met gokverslaafden. Toegegeven, dat hadden ze toch knap gedaan. Ik kon me niet voorstellen dat de buren van niets wisten maar het leek me sterk dat ze het zouden toegeven. De Triade boezemde nog steeds angst in.

Bij de auto aangekomen keek ik Uncle John half smekend aan die mijn stille vraag begreep en hij liep naar de passagierskant. Mong Kok was niet ver maar ik mocht tenminste weer plaatsnemen achter het stuur. Misschien voor de laatste keer, wie weet. Mong Kok is één van de drukste plekken van Hong Kong en in dat gebied is autorijden een beetje als het spelletje Frogs voor gevorderden. Taxi’s die op schijnbaar willekeurige plekken mensen laten in- en uitstappen, busjes die dubbel geparkeerd staan om te lossen en niet te vergeten de enorme mensenmassa die schouder aan schouder zich over de stoep en straat verplaatsten. Stapvoets kwamen we aan op de plek van bestemming zonder iets of iemand geraakt te hebben wat ik als een persoonlijke overwinning zag. Bag it. Zet hem maar voor die club neer zei Uncle John en wees naar een groot bord met nog grotere neonletters. Nog voor dat ik de auto volledig stil had gezet kwam er al een jonge vent naar onze auto toegelopen die mijn deur opendeed. Valet parking, uiteraard met de complimenten van de Triade.

Via een korte trap liepen we naar de tweede verdieping waar we een karaokebar binnen liepen. Blijkbaar werden we verwacht want een schaars geklede jongedame kwam al toegesneld om ons te begeleiden. Duidelijk dat dit een karaoke bar was voor clientèle van 18+ waar je vast meer kon huren dan een alleen een karaoke set maar dat geheel terzijde. Door een gang liepen we langs verschillende ruimtes en via wederom een trappetje gingen we een verdieping omhoog waar ik meer van hetzelfde zag: een gang met aan weerzijdes kamers die je kon huren om van je eigen gezang te genieten of in mijn geval je trommelvliezen kon beschadigen. Bij een van deze kamers klopte de jongedame zachtjes op de deur en deed langzaam de deur open. Door de deuropening zag ik al het bekende gezicht van Uncle Ngau. Jammer, ik had het niet erg gevonden als we weer op een verkeerde plek terecht waren gekomen, als ik maar weer mocht rijden in de auto van Uncle John.

Toen de deur helemaal open was zag ik een bekend tafereel. Een pokertafel gevuld met mannen en voor hen stapels fiches. Het was een ruime kamer waar zelfs plaats was voor een groot bankstel en een enorme TV die gekoppeld was aan een karaokeset. Als er maar niemand gaat zingen of erger nog, mij dwingt om te gaan zingen dacht ik bij mezelf. Uncle Ngau stak even zijn hand op om te laten zien dat hij ons opgemerkt had maar vestigde zijn aandacht weer snel naar wat er aan de pokertafel gebeurde. De kamer was verrassend licht waardoor de afschuwelijke rode muren nog schreeuweriger leken. Duidelijk dat de ontwerper de opdracht had gekregen om het zo Chinees mogelijk te laten lijken want op een muur was een draak geschilderd en op een ander een Phoenix. Smaken, of gebrek daaraan, verschillen zullen we maar zeggen. Nu ik de pokertafel zag begonnen mijn handen toch te jeuken maar Uncle John gebaarde mij om op de bank te gaan zitten. De jongedame van daarnet vroeg of we iets wilden drinken en na het doorgeven van de twee koffies die wij graag wilden hebben nam Uncle John het woord.

The Uncles, the saga continues - deel VI

Door Chief op maandag 9 januari 2017 01:45 - Reacties (30)
Categorie: -, Views: 2.160

Ik had inmiddels plaatsgenomen in de Aston Martin en stond op het punt om te vertrekken. De zwetende handen hebben het stuur vast. Hoe het verder ging lezen jullie hieronder


De meeste dromen zijn bedrog zong Marco Borsato ooit maar dit was geen droom en ook geen bedrog. Ik zat daadwerkelijk in een Aston Martin en ook nog aan het stuur. There is a God. Ik greep de unieke kans met beide handen aan en wist precies waar ik naar toe wilde: een tunnel om het magische geluid van de brullende motor te horen. Er zijn verschillende tunnels die Hong Kong Island met Kowloon verbinden en de Western Harbour Tunnel is weliswaar de duurste wat betreft tol maar ook veruit het rustigst. Rustig reed ik weg en ik waande me een heuse F1 coureur en ik moest me inhouden om niet continue met de flippers in de weer te zijn. Ook mijn voet had nogal de neiging om spontaan het gaspedaal vol in te trappen. Netjes reed ik met het verkeer mee, over Route 4 richting de tunnel. Het was eigenlijk niet eens zo vreemd om aan de verkeerde kant te rijden, ik had verwacht dat ik beter zou op moeten letten maar het ging eigenlijk vanzelf. Gelukkig kennen ze in Hong Kong geen of in ieder geval nauwelijks rotondes want dat had misschien nog wel voor problemen gezorgd.

Alles voelde heerlijk aan in de auto maar waar ik wachtte tot ik dit beestje eens vol op de staart kon trappen om het enorme aantal aan paardenkrachten in mijn rug te voelen. Vrij snel kwamen we aan bij de tunnel en dit was het moment waar ik op wachtte. Met een vrij lage toerental in de tweede versnelling reed ik naar de ingang van de tunnel en op het moment dat ik de tunnel inreed hield ik het stuur wat steviger vast. This is it. Vol trapte ik het gas in en wat er toen gebeurde is onbeschrijfelijk. Het geluid van de motor, de enorme duw in je rug, de naald van de snelheidsmeter die als een gek omhoog schiet. Alles klopte. Nog net op tijd laat ik de auto in de 3e versnelling schieten en laat het gas los. Mijn God wat was dat heerlijk. Het duurde misschien één of twee seconden maar man, dit was te gek!!

Wetende dat er in de tunnel vaste snelheidscamera’s staan houd ik me met moeite aan de maximum snelheid maar ik kijk Uncle John aan die glimlachend vooruit kijkt. Na de tolheffing is de weg drie of vier banen breed. Nu of nooit dacht ik. Boetes zijn voor mij zeg ik tegen Uncle John en zonder zijn antwoord af te wachten gaat het gaspedaal naar de bodem. 50, 100, 150 en voor ik het weet passeert de naald op de snelheidsmeter de 200. Ik schiet het weinige verkeer links en rechts voorbij en de adrenaline giert door mijn lijf. De auto geeft geen krimp en luistert nauwgezet naar de bewegingen van mijn handen. Het duiveltje zit met zijn handen achter zijn hoofd lekker achteruit. Zonder enige inmenging van hem was ik toch in staat om volledig los te gaan.

Dan vind ik het wel welletjes en laat het gas los om onder de maximum snelheid te komen. Mental note: keihard gaan sparen Chief want dit vind je toch wel erg lekker……!! Uncle John heeft alleen maar stoïcijns voor zich uit gekeken en is dit speelse gedrag natuurlijk wel gewend gezien zijn rijstijl van eerder. Waar moeten we eigenlijk naar toe vraag ik Uncle John. Kwun Tong wordt mij gemeld. Mooi! Dat lag aan de oostkant van Kowloon terwijl wij aan ons aan de westzijde bevonden. Kon ik nog even genieten van al die PKs onder mijn voet. Veel te snel kwamen we aan in Kwun Tong, mede omdat mijn voet zich niet echt kon beheersen, en met instructies van Uncle John zet ik de auto in een parkeergarage. Ik stap uit en met enige pijn in mijn hart doe ik de deur dicht. Zachtjes natuurlijk.

Ik zweef mee met Uncle John die rustig door de straten van Kwun Tong loopt en al snel komen we in een wijk met alleen sociale woningen. Sociale woningen zijn “iets” anders dan in Nederland: het zijn enorme flatgebouwen met vaak honderden appartementen die ieder niet groter zal zijn dan enkele tientallen meters. De modernere hebben eigen toiletten maar de oudere hebben gezamenlijke toiletten. Het gebouw waar wij binnenlopen is van het laatste soort. Door een kleine gang komen we op een enorme binnenplaats, omringd aan alle kanten door flats die één groot geheel vormen. We nemen de lift en in de lift neemt Uncle John het woord. Maak je geen zorgen zegt hij, deze tent wordt gerund door een betrouwbare vent. Ondanks, of misschien juist door, deze woorden begin ik me toch lichtelijk zorgen te maken maar ik wilde me niet laten kennen. Daarbij voelde ik me op een of andere manier wel veilig in de buurt van Uncle John al is dat natuurlijk betrekkelijk.

Via een stokoude lift komen we op de verdieping waar we waarschijnlijk moeten zijn en een aantal deuren verderop klopt Uncle John op de metalen poort voor de deur. Ik hoor voetstappen die bij de deur stil blijven staan. Aan de andere kant wordt waarschijnlijk door het kijkgat gekeken die ik in de deur zie en de deur gaat open. “Hallo Uncle John” hoor ik en de metalen poort wordt ook geopend. Uncle John stapt naar binnen met mij in zijn kielzog. Ik sta in een appartement van misschien 20m2 waar ik op een bankstel voor een TV nog 2 mannen zie zitten. Om te zeggen dat ze er niet geheel koosjer uitzagen is nog zacht uitgedrukt, een van hen heeft zelfs tattoos in zijn hals. Dat moet toch ook pijn gedaan hebben denk ik bij mezelf.

Ik kijk nog eens heel goed rond maar behalve de TV, bank, wat stoelen en de in totaal drie mannen zie ik niets anders. Geen pokertafel in ieder geval en ik begin me af te vragen waar we zijn belandt. De man die de deur opende loopt naar de keuken en Uncle John volgt hem zonder iets vragen en knikt met zijn hoofd naar mij op hem te volgen. Iets zei me dat we geen kookcursus zouden volgen maar wat we dan zouden gaan doen in de keuken was mij een groot raadsel.

The Uncles, the saga continues - deel V

Door Chief op maandag 2 januari 2017 01:04 - Reacties (25)
Categorie: -, Views: 1.561

In het inmiddels leeggelopen One Harbour Road had ik ademloos geluisterd naar Uncle John, een ex Dai Lo voor zover je afstand kan nemen van de Triade. het verhaal werd ruw verstoord door het overgaan van de mobiel van Uncle John

Uncle John stapte weer even van tafel om het telefoontje van Uncle Ngau aan te nemen. Aunt Mai zuchtte. Hoe zeer haar man ook probeerde om los te komen van de Triade, helemaal los kwam hij nooit. Niet alleen door zijn verleden als actief lid maar ook omdat er in de normale maatschappij bijna geen ontsnappen aan was. De Triades hadden bijna overal hun vinger wel in de pap, zelfs in de pap die politiek heet. Daarnaast was er nog een heel groot voordeel voor de Triade dat Uncle John niet meer actief was: hij was de ideale vredestichter. Hij kende vrijwel iedereen die er toe deed, kende de regels, genoot nog volop respect en misschien wel het belangrijkste: hij was niet meer actief en dus als neutraal gezien. Het kwam dan ook regelmatig voor dat hij gevraagd werd om voor scheidsrechter te spelen als er heibel was.

Met tegenzin trad Uncle John dan op, al was het maar om bloedvergieten te minimaliseren. Hoewel Aunt het wel begreep was ze er natuurlijk niet blij mee en dat begreep ik dan op mijn beurt ook wel. Wat ik niet begreep was dat Uncle John dat deed ondanks zijn rancune. Ik bedoel, voor hetzelfde geld beschermde hij zonder het te weten de dader die achter de dood van hun kind zat. Dat leek mij een onmogelijke gedachte. Aunt Mai glimlachte waardoor ik weer even smolt. Natuurlijk had Uncle John, en ook zijzelf, die gedachte gehad maar haatgevoelens consumeren je. Vreten je op. Daarnaast was Uncle John in het verleden ook niet het liefste jongetje van de klas geweest. Karma.

Voordat ik daar in detail op in kon gaan kwam Uncle John teruggelopen. Of we volgens Uncle Ngau als een paar theetantes bleven zitten of dat we alsnog een potje kwamen kaarten. Volop actie volgens hem en de tafel raakte al snel vol. Al moest ik een jurk aan en lippenstift op en als theetante verder door het leven gaan om verder te kunnen gaan met het huidige gesprek, ik had het er grif voor over. Aunt Mai dacht daar echter anders over toen ze op haar horloge keek. “Veel plezier mannen, tijd voor mijn afspraak bij de kapper”. Sorry hoor maar je haar zit perfect dacht ik heel stilletjes bij mezelf. Uncle John wenkt de bediende die al in de startblokken stond om ons de rekening te presenteren. Waarschijnlijk had ze haar pauze door ons gemist. Vergeefs probeerde ik de rekening te pakken te krijgen maar dat was een kansloze missie. Mental note: hier moest ik iets tegen verzinnen.

De twee tortelduifjes namen innig afscheid van elkaar terwijl ik zowel jaloers als bewonderingswaardig toekeek waarna Aunt Mai me op het hart drukte om eens te komen eten bij hun thuis. Zeker als mijn vrouw was gearriveerd. Dat hoefde ze geen twee keer te vragen en het liefst had ik gezegd dat ik die avond nog wel zou langskomen, zou koken en zou afwassen maar die behoefte kon ik nog net, met moeite, onderdrukken. Nadat ik beleefd haar uitnodiging had aangenomen met de verzekering dat ik vrouwlief ook zeker een keer mee zou nemen schudde ik haar hand en ze stapte in de auto die hun chauffeur had voorgereden. Ik bleef stil terwijl we aan het wachten waren op de auto van Uncle John. “Luister” zei Uncle John. Hij begreep het als ik omwille van zijn connecties met de Triades afstand wilde bewaren. Nu was het mijn beurt om zonder na te denken een brede glimlach op mijn gezicht te toveren. Of ik nog steeds in zijn auto mocht rijden vroeg ik met een grijns en die grijns werd met een zo mogelijk grotere grijns begroet.

De Aston Martin werd voorgereden en zelfverzekerd stapte ik die Goddelijke wagen in. Natuurlijk kwam de gedachte in mij op om meteen weg te rennen tijdens het verhaal van Uncle John. Ik bedoel, komop! Hij was niet één of andere low-life gangster maar een volwaardige Dai Lo met de bijbehorende status. Zelfs nu nog was hij, zij het vreedzaam, betrokken bij de onderwereld. Daarnaast, ieder woord over dat hij niet meer actief was kon ook makkelijk gelogen zijn maar dat geloofde ik niet. Nee, iemand die zo openhartig over het verlies van hun kind sprak met zoveel pijn in zijn ogen kon onmogelijk het volgende ogenblik zonder blikken of blozen iemand zo in de maling nemen zonder een complete maniak te zijn en dat was Uncle John zeker niet. Iedereen had een verleden dacht ik bij mezelf en dacht aan mijn vader met al zijn gebreken. Misschien was het daarom wel dat ik Uncle John vertrouwde, vanwege zijn verleden en gebreken en daarmee de gelijkenis met mijn vader. Hoe dan ook, ik was geenszins van plan om zomaar vaarwel te zeggen tegen deze man die ik nog niet zo lang kende maar dus wel vertrouwde. Wellicht naïviteit. Mijn engeltje zuchtte weerloos.

De motor draaide stationair. Met de hulp van Uncle John stelde ik de stoel wat naar achter en zette de spiegels goed. Ik zag en voelde geen koppelingspedaal dus ik nam aan dat dit een automaat was. Uncle John drukte echter op een knopje op de console. “Nu mag je schakelen met de flippers” zei hij nog breed glimlachend. Ik zag de “N” op de middenconsole. Ik kon nog terug zei het Engeltje maar het was te laat. Mijn handen voelden aan het stuur en vanaf dat moment vergat ik alles. Vergat ik dat ik geen lokaal rijbewijs had, vergat ik dat ik nog nooit een auto had bestuurd met het stuur aan de rechterkant en vergat ik dat dit een auto was die ik zelfs op afbetaling mij niet kon veroorloven. Ik vergat zelfs even vrouwlief die ik heel wat uit te leggen had als dit mis ging. You only live once.

Ik trek zachtjes de rechterflipper aan het stuur naar me toe en de “1” verscheen op het dashboard. De auto bewoog langzaam uit zichzelf zoals een volautomatische versnellingsbak. Ik trap op de rem en kijk Uncle John aan. Waarheen vraag ik hem. Dat komt wel zei hij en hij draaide zijn gezicht met het blik naar buiten.

The Uncles, the saga continues - deel IV

Door Chief op dinsdag 27 december 2016 03:01 - Reacties (22)
Categorie: -, Views: 1.685

Een enorme bom was zojuist ontploft toen ik verteld kreeg dat Uncle John een kind had gehad maar deze vele jaren geleden was omgekomen. Dat de reden daarachter waarschijnlijk te maken had met zijn positie in de Triade. Hoe het verder ging lees je hieronder

Ik had de grootste moeite om alles wat ik net te horen kreeg te verwerken en kon daardoor de doodse stilte niet doorbreken. Duizenden vragen speelden door mijn hoofd. Hoe? Wat? Waar? Maar vooral: HUH??? Terwijl ik duizelde van al die vragen was het Aunt Mai die als eerste sprak. Dat we toch maar eens moesten beginnen met het wegwerken van al die lekkernijen die vlak voor ons op tafel stonden. Uncle John toonde het goede voorbeeld en pakte zijn chopsticks op, een voorbeeld die ik niet kon volgen. Als versteend zat ik daar aan tafel.

Uncle John verschuldigde zich, hij had het er niet zo uit moeten gooien. Meteen ben ik weer bij zinnen want als iemand zich schuldig voelde was ik het. Ik kon me niet voorstellen hoe het zou voelen om je eigen kind zo kwijt te raken en ik hoopte dat ik het nooit hoefde mee te maken. “Het spijt me” leek het enige wat ik zeggen kon en zowel Aunt Mai en Uncle John knikten. Dat moesten ze al zo vaak hebben gehoord. Ik doe mijn best om weer normaal te doen maar het valt niet mee. Er zit een dikke knoop in mijn maag en trek heb ik dus niet meer maar ik probeer toch te eten, al was het maar om de zware lucht te laten klaren.

Gelukkig hoef ik niet lang te doen alsof want als Uncle John aanstalten maakt om een sanitaire pitstop te maken zie ik die normale blik in zijn ogen: of ik even op wil letten dat zijn vrouw er niet met een andere vandoor gaat terwijl hij naar het toilet gaat. Ik doe mijn best maar garandeer niets grap ik terug en ik voel me een stuk lichter. Als Uncle John uit gehoorbereik is schuift Aunt Mai een beetje naar voren op haar stoel. Ze wist niet hoe ik het voor elkaar had gekregen maar Uncle John had zeer zelden hun verhaal op zo’n detail niveau aan vreemden verteld. Sterker nog, er waren mensen in hun directe omgeving die vaak niet de hoed van de rand wisten. Ik had werkelijk waar geen flauw idee waarom maar de glimlach van Aunt Mai stelde me gerust. Ze was mij niet aan het verhoren.

Hoewel ik me iets minder bezwaard voelde knaagde de verhalen duidelijk aan me. Zo duidelijk dat Uncle John die weer rap terug was en mij aankeek. Of ik iets op mijn lever had en zo ja dat ik het er maar net zo goed uit kon gooien. De nieuwsgierigheid was gewoon te groot en dus flapte ik het er maar uit: Of Uncle John nog iets met de Triades te maken had. Een ironisch lachje kwam uit zijn mond. Nee, hij had niets meer te maken met die lui. Sommigen van de oude garde respecteerden hem nog van vroeger en ook de wat jongere garde kenden hem uit verhalen maar dat was het wel. Hij zelf was helemaal klaar met de zogenoemde broederschap. “Broederschap”, schimpte hij. Terwijl Uncle John en Aunt Mai nog bezig waren met de voorbereidingen van de crematie van hun zoontje begonnen de eersten zich al te verdringen om Uncle John in de organisatie te vervangen.

Was dat om iedere andere reden gebeurd dan zou hij dat hardhandig de kop in hebben gedrukt, waarschijnlijk letterlijk, maar hij had heel andere dingen aan zijn hoofd. Het regelen van de crematie voor zijn zoontje en het zoeken naar de daders van de aanslag namen al zijn tijd en aandacht in beslag. Daarmee brak ook de pleuris uit. Niet alleen rivaliserende Triades maar ook intern rook men zwakte en werd er gevochten om zijn zeer lucratieve gebieden over te nemen. Binnen de organisatie werd de ene spoedbijeenkomst na de andere belegd om de boel in het gareel te houden maar Uncle John nam niet eens de moeite om op te dagen. Daarmee had hij zijn eigen lot in de Triade bezegeld en werd hij een persona non grata.

De meeste van zijn mannen waren alleen loyaal aan de dollars en toen duidelijk was dat Uncle John daar voorlopig niet voor ging zorgen waren veruit de meesten dan ook snel vertrokken. Uncle Ngau zei ik half vragend, half bevestigend en de bekende grote lach van Uncle John kwam weer tevoorschijn. Het was niet heel moeilijk te raden: iedere zin die uit de mond van Uncle Ngau begon en eindigde met vloekwoorden. Daarnaast waren de tatoeages op zijn onderarmen ook moeilijk te missen. Samen met enkele anderen was Uncle Ngau hem trouw gebleven.

Na het verliezen van hun zoon heeft het lang, heel lang geduurd voordat Uncle John weer een beetje zichzelf werd. Uncle John werd letterlijk en figuurlijk geconsumeerd door zijn zoektocht naar wraak en in al die tijd ging het geld er harder uit dan het binnenkwam. Hij kwam pas weer bij zinnen toen Aunt Mai erachter kwam dat zijn mannen tot de nek in de schulden zaten omdat ze lange tijd geen cent te makken hadden en Uncle John niet om geld hadden gevraagd. Als Dai Lo, “Big Brother”, had hij behoorlijk gefaald naar zijn mannen. Genoeg is genoeg had Aunt Mai gezegd en ditmaal landden de woorden wel.

Teruggaan naar hun oude levensstijl was geen optie voor Uncle John aangezien dat de oorzaak was voor het verlies van hun enigst kind. Als er dan toch iets positiefs was aan het verliezen was van hun kind dan was het dat Uncle John daardoor de deur naar de Triade had dicht geslagen zei Aunt Mai. Voortaan zouden ze op een legale manier hun brood verdienen en het had ze geen windeieren gelegd. Je moest volgens Uncle John een halve zool zijn om in die tijd geen geld te verdienen. Economisch ging het Hong Kong voor de wind en daarmee ook Uncle John en zijn mannen die niet meer zijn mannen waren maar inmiddels partners.

Het duurde lang voordat ze Uncle John geen Dai Lo meer noemden. Oude gewoontes sleten moeizaam en niet alleen zij hadden moeite om Uncle John niet meer als een Dai Lo te zien, ook de blauwe brigade kon maar niet geloven dat hij zo resoluut de band met de Triade had verbroken. Zeker in de eerste jaren kwamen ze te pas en te onpas binnen vallen en dat getreiter heeft nog lang voortgeduurd totdat ze door hadden dat de belastingcenten beter te besteden waren. Nog steeds kwamen ze af en toe langs en probeerden ze informatie te winnen maar ook dan hield Uncle John zijn lippen stijf dicht.

Toen onze tafel lang en breed was leeggeruimd bleef Uncle John vertellen en ik durfde me niet te verroeren, bang dat ik daarmee zijn relaas zou onderbreken. Ademloos had ik geluisterd met mijn mond wagenwijd geopend en die mond ging alleen af en toe dicht als ik iets at. Ik had niet eens in de gaten dat wij als enigen in het restaurant waren achtergebleven. Plichtsgetrouw werd onze thee keer op keer bijgevuld toen plots de telefoon van Uncle John weer overging. Het was weer Uncle Ngau.

Early Christmas thoughts

Door Chief op donderdag 22 december 2016 04:31 - Reacties (26)
Categorie: -, Views: 1.928

I’ve been lucky enough to have witnessed the face of our son beaming many, many times. The sight of a wide smile appearing on that toddler while his face is radiating of joy is the best thing that can happen to me as a dad. It could be as simple as seeing his daddy coming home after a day of work, getting his favorite dessert from mommy or listening to a nighttime story as he cuddles up between me and the Mrs in his bed. Yes, I’ve witnessed many of these moments but there’s something in his life that tops it all. Something magical that nor me nor his mommy can reproduce even if our lives depended on it. Something that makes him radiate more than a nuclear power plant on overdrive and makes his smile larger than his face. That something, or actually somebody, is his grandpa.

When grandpa enters the room, the world disappears through the Bermuda triangle, or a wormhole for all he cares as he will only see his grandpa. Regardless what mischief he was up to, what treat he was enjoying, he’ll dump it that very same moment and goes of running as fast as his little legs can carry him to the old man who has his mighty arms spread wide open. Mighty arms that have fed us and many customers by expertly stir frying or braising in that enormous wok of his. A wok only he was allowed to use and that he called his.

Those mighty arms would lift him swirling in the air and that same air would be filled by laughter. Every single time. Every single time except last summer when my dad’s disease already had taken its toll. We would still magically disappear when he entered and our son would go running towards him, appearing to be faster than Mr. Bolt himself but this time, the once mighty arms failed its owner. With happiness in his eyes but obviously weakened body he tried his very best to lift his grandson but this time he wasn’t able to lift him more than a couple of inches of the floor. The happiness in the old eyes was instantaneously replaced by sadness, disappointment. While he quickly tried to cover his emotions, it wasn’t quick enough to hide it from his son, me.

I’ve laughed with the man, fought with the man, disappointed by this very same man but none of it all mattered when I saw that look. That look sent a jolt of pain like I’ve rarely, if ever, felt before. With the laughter of my son still filling up the room, I was utterly lost. Lost for words, lost for knowing what to do. In that split second, the Mrs squeezed my hand she was holding as she saw the same thing I saw and felt the same pain that I felt. Maybe not in that same magnitude but then again, magnitude isn’t relevant when it comes to pain.

Grandpa saved the moment as he sat down on the floor and let his grandson sit on his lap and the little one was beaming and laughing at his grandpa as he cuddled up. That moment I will never forget as I know my dad will never forget. That moment where he turned pain into happiness is a true testimony to his real strength. Strength not from his once mighty arms but the strength from the bond between him and his blood. A bond that I can only hope to achieve with my loved ones as time progresses and only time will tell whether I shall succeed or fail in that.

It’s very likely that in the same year that our precious little princess will be born, we’ll have to say our goodbyes to dad and I can only hope that it will be in that order. That my dad can lay his eyes on the little girl that will be his first granddaughter. A granddaughter that won’t have the same privilege as he big brother of being swirled into the air by the mighty arms of her grandpa but will for sure feel the love despite the many, many miles that set them apart.

I’m indebted for life to my dad for all he did for us and it will take many afterlives for me to be able to repay and yet I don’t feel burdened by this debt. Instead, it gives me a sense of direction in which I have to raise our kids and care for the people who are important to me. Maybe it’s the Christmas feeling, maybe it’s the lack of sleep as I write this in the wee hours of this day but I suddenly felt very grateful. Grateful for those mighty arms spinning my son up in the air and making his laughter spread around the room sounding like music in my ears. Mighty arms that lifted me many, many times when I was a boy and the very same mighty arms that I will have to cross around his chest when the time is there.

While I'm saddened by this inevitable prospect, don’t feel sorry for us as this is part of life. A life that wouldn’t have been the same without this man who I proudly call my dad. Christmas is around the corner and although it doesn’t feel the same when it’s 30+ degrees out there, what better time to celebrate life with your loved ones than Christmas! Eat, sing, drink, laugh and enjoy as we will!!

With this, I wish you all a Merry Christmas and a very Happy New Year! <3